Op de grens van Panama en Colombia ligt het moerasgebied Tapón del Darién. Het is beter bekend onder de Engelse naam Darién Gap en gap (gat) betekent bijna het tegenovergestelde van het Spaanse tapón (plug/stop). In het Nederlands spreken we gewoon van Darién en deze benaming is een prachtige illustratie van een nuchtere Nederlandse oplossing voor een discussie over betekenis: gewoon allebei niet. Darién komt trouwens van het woord tanela, dat door de zestiende-eeuwse inheemse bevolkingsgroep Cueva aan een rivier in de streek werd gegeven. Spanjaarden maakten er dus Darién van en de streek is nu vooral bekend als de plek waar de Pan-American Highway onderbroken wordt. De term gap is in dit opzicht dus treffend, hoewel er ook wat te zeggen is voor tapón omdat lokale overheden blij zijn dat er geen weg is waarover gemakkelijk drugs kan worden vervoerd van Zuid- naar Noord-Amerika.

New Caledonia met New Edinburg (kaart Wikipedia)

De plek is zeer onherbergzaam. Als je niet door schorpioenen wordt gestoken, dan zijn er slangen, jaguars, vliegen die eitjes onder je huid leggen en chagrijnige wilde varkens. In de Darién groeien ook zwarte palmen, met kenmerkende stekels aan hun stam, die je niet alleen kunnen verwonden maar door de aanwezigheid van onhandige bacteriën ook flink infecteren[1]. Verder is er heel veel water, modder, regen en warmte. Avonturiers die de Pan-American Highway willen afleggen van noord (Alaska) naar zuid (Vuurland) of vice versa, dienen hier hun voertuig en zichzelf op een bootje te laden en via de Grote Oceaan of de Caribische Zee een stukje over het water te reizen. Er zijn wel wegen door de Darién, maar het zijn vooral voetpaden. Door de relatieve ontoegankelijkheid herbergt de streek toch vooral lieden die houden van wetteloosheid, zoals drugshandelaren. Maar ook gewoon mensen die daar leven en niet per se een snelweg in hun achtertuin willen hebben.

Nieuw Singapore

Meer dan 300 jaar geleden, in 1698, deed nota bene Schotland een gooi naar het kolonialisme precies in de Darién. Een flink aantal Schotten investeerde in het plan om er een kolonie te stichten met de naam Caledonia (Latijn voor Schotland). De keuze voor Darién was vanuit geopolitiek oogpunt zeer strategisch: hier komen Zuid- en Midden-Amerika immers samen en de Atlantische Oceaan (in de vorm van de Caribische Zee) en de Grote Oceaan liggen niet ver van elkaar verwijderd. In potentie was Darién op die manier wat Singapore anno nu is: een kruispunt van waterwegen en goederenstromen. Maar het liep anders. De in de regio al aanwezige Spanjaarden blokkeerden de gestichte haven New Edinburgh (tegenwoordig bekend als Puerto Escocés, dat Schotse haven betekent) en joegen de Schotten vervolgens weg. De Schotten namen hun verlies in deze spaarzame poging tot kolonialisme, verzwakten met deze verloren investering hun economie en konden weinig weerstand bieden aan The Act of Union waarin het op papier fuseerde met Engeland. Over een teleurstellende vakantie gesproken…

In Darién bleef het betrekkelijk rustig na dit Europese akkefietje. Er werd ook gauw even ten noorden een veel beter kruispunt gevonden voor bovengenoemde mensen, goederen en handelsroutes en dat kruispunt kennen we nu als het Panamakanaal. Darién bleef zo een vochtig en dunbevolkt oord. Maar het werd wel degelijk bevolkt. De naamgevers van het gebied, de Cueva, werden door de gebruikelijke effecten van (Spaans) kolonialisme uitgeroeid: niet alleen door gevechten, onderdrukking en strijd, maar vooral door contact met Westerse ziekten waar het immuunsysteem geen antwoord op had. Een inheemse bevolkingsgroep die vervolgens naar het nog steeds minder dichtbevolkte Darién trok, was de Cuna. Dit is de Engelse naam voor een groep die zichzelf sinds 2010 Kuna noemt (ervoor Guna) en als taal Kuna spreekt (voorheen Cuna maar in de taal zelf Guna). Het onderscheid is niet relevant, maar wel even vermakelijk als verwarrend.

De Kuna trokken dus de Dariénregio in maar door de onherbergzaamheid en Spaans imperialisme werden ze al gauw teruggedrongen tot een smalle kuststrook aan de Caribische (noord)zijde van Panama en de naburige eilanden. Deze eilandengroep staat tegenwoordig onder steeds meer toeristen bekend als San Blas, een groep van meer dan 300 relatief eenvoudig te bereiken postcard perfect tropische eilanden, waar vakantiegangers komen om te ontspannen aangezien er geen wifi is. Inmiddels heet San Blas geen San Blas meer maar Guna Yala (maar waarschijnlijk is Kuna Yala ook goed). Het betekent land van de Guna of Gunaberg en is treffend, aangezien deze regio voornamelijk wordt bevolkt door juist deze eerder genoemde groep: het is een autonome regio. Aha!

Gran Colombia

Panama was in de negentiende eeuw onafhankelijk geworden van Spanje en had zich aangesloten bij Gran Colombia, waartoe naast het huidige Colombia ook Ecuador, Venezuela en delen van Peru, Brazilië en Guyana behoorden. In 1903 vond Panama het welletjes en scheidde zich af. Door deze afscheiding werd er ook weer weinig rekening gehouden met de Guna, want de grens tussen Panama en Colombia werd dwars door hun regio getrokken. Door deze beslissing werd ook een afspraak in 1870 genegeerd, toen de Guna een deel van het grondgebied van Gran Colombia als autonoom gebied toebedeeld kregen. Na de overheersing van Spanjaarden waren het nu twee nieuwe landen, Colombia en Panama, die grenzen trokken door het gebied van Guna. Na de afscheiding van Panama trokken allerlei gelukszoekers de kuststrook van de Guna Yala in Panama op zoek naar goud, rubber, schildpadden en andere natuurlijke rijkdommen en volgden schermutselingen. De Guna waren niet van plan om wéér te worden overheerst. In 1925 volgde de Gunarevolutie, waarin Guna Panamese politie aanvielen en verjoegen. De Guna riepen onafhankelijkheid uit en stichtten zo De Republiek Tule, die een paar dagen bestond. Het duurde vervolgens meer dan tien jaar voordat de Guna Yala, in 1938, autonomie kregen en pas in 1953 werden grenzen van het gebied officieel vastgelegd. In 2001 oordeelde het Panamese hooggerechtshof dat de regio eigen politieke en administratieve organisaties heeft, anders dan in de rest van Panama. En zo zijn de Guna een autonome bevolkingsgroep in een autonome regio. Daarom word je ook, wanneer je vanaf de hoofdstad Panama het gebied inrijdt, begroet door de vlag van de Guna (met in het midden een swastika) en dien je bij een met de hand bediende slagboom tien dollar als toeristenbelasting te overleggen. Vervolgens ben je overgeleverd aan een rare situatie: je bevindt je in een regio met zelfbestuur, maar je bent nog steeds in Panama.

Dat is hoe de situatie in de meeste autonome regio’s over de hele wereld is. Dichterbij kennen we trouwens Catalonië in Spanje, maar over de Guna Yala waren meer interessante feitjes te vinden.

Hoe kan een gebied autonoom zijn?

Autonome regio’s zijn voor veel mensen een eerste (en vaak ook een laatste) aanraking met het concept autonomie. Autonome regio’s kenmerken zich door onderdeel te zijn van een land, maar enige vorm van zelfbestuur te hebben. ‘Een zekere mate van autonomie’ wordt dat dan genoemd. En zo is de definitie van een autonome regio dus onduidelijk: autonoom is ‘een zekere mate van autonoom’. Deze verwarrende uitleg kan ook niet veel beter. Want bijna geen enkel zogenaamd autonoom gebied heeft helemaal niets te maken met andere gebieden. Zelfs Noord-Sentineleiland in de Baai van Bengalen wordt wel eens bezocht door andere mensen dan Sentinelezen[2].

Hoe kan een gebied dat onderdeel is van een ander land dan toch autonoom zijn? De Guna vinden het belangrijk als groep zelf te mogen beslissen. De plek waar zij wonen, de streek die Guna Yala wordt genoemd, is een fysieke manifestatie van autonomie. Een geografisch afgebakende regio hoeft namelijk niet per se een voorwaarde te zijn voor autonomie. Maar het is voor een groep die zelfbeschikking belangrijk vindt, wel een handige manier om die zelfbeschikking te krijgen. Een geografische grens is namelijk gemakkelijk aan anderen uit te leggen: ‘Hier gelden onze regels en daar gelden jullie regels.’ Simpel. En dan hebben de Guna Yala bijvoorbeeld op het gebied van handelsbetrekkingen, valuta en defensie er misschien wel voor gekozen om daarvoor bij Panama te zijn.

Aan de andere Kant

Immanuel Kant was de eerste die het begrip autonomie van een politiek naar een ethisch spectrum verhuisde. En bij het opstellen van de zelfbeschikkingstheorie in 2008 stelden Edward L. Deci en Richard Ryan dat autonomie een menselijk, niet een politiek, concept is dat een basisbehoefte van mensen is (niet per se van groepen of andere entiteiten).
Hoe minder autonomie, hoe minder het welbevinden van mensen. Dat onderscheid is in dit boek heel belangrijk.

Autonome regio’s zijn te vergelijken met individuele autonomie maar er zijn ook belangrijke onderscheiden te maken. Regio’s hebben een plek op de kaart. Individuen niet (altijd). Regio’s bevatten (vaak) een groep mensen. Individuen zijn alleen.

En dus

Autonome regio's zijn een zeer verwarrend alomtegenwoordig voorbeeld van autonomie. Het zijn gebieden (geen individuen) die politieke autonomie (geen individuele autonomie) in overleg (of met strijd) hebben gekregen (niet gekozen zonder weerstand) van een entiteit met méér autonomie. We moeten er daarom een nieuw woord voor verzinnen, want dit helpt niemand bij een zorgvuldig begrip van autonomie.


  1. Astrocaryum standleyanum ↩︎

  2. https://www.forbes.com/sites/kionasmith/2018/11/30/everything-we-know-about-the-isolated-sentinelese-people-of-north-sentinel-island/ ↩︎