Het is vanuit evolutionair oogpunt goed dat er mensen zijn die opeens een kano zien in een boom en dan een vuursteen gebruiken om die kano eruit te schrapen[1]. Maar tegelijkertijd hebben we ook weer niet te veel van dit soort separatie nodig. Als mijn verre voorouder Uremōndōgle én een kano bouwde én een heel andere taal zou spreken én nog weigerde hertenvlees te eten én de hele dag op z’n telefoon zou zitten én iedere dag wiet zou roken, dan zou z’n stam al snel klaar met hem zijn. In die tijd zou hij dan binnen no-time dood zijn. Daarmee was er ook een einde gekomen aan zijn autonome gedrag en was dat enorme autonome dna in geen enkele bloedlijn terecht gekomen.

Autonomie moet dus in balans staan met binding. Dit is ook precies waarom doen wat je leuk vindt nergens op slaat als je er geen grenzen aan stelt. Het is vaak doen wat je leuk vindt, zolang de groep waarvan je waardering verwacht het maar accepteert. Geen wonder dat Instagram is overspoeld met posts waarvan is bewezen dat ze meer likes genereren dan andere posts. Geen wonder dat veel politici nauwelijks ergens voor staan, maar gewoon roepen wat de meeste mensen vet vinden.

Volledige autonomie kan niet bestaan. Er zijn altijd beperkingen. Doe maar eens een gedachtenexperiment: Waar zou je op dit moment graag willen zijn? Op een tropisch eiland? Wat zou je er willen doen? Een koud lokaal biertje willen drinken aan de rand van een zwembad? Ok en als je geen beperkingen hebt en het direct kunt verwezenlijken, is dat dan wat je wilt? Geen vliegreis ernaartoe, geen maandje erop verheugen, niet genieten van het feit dat je eventueel in het zwembad kunt springen om jezelf te verkoelen, dat je een slok kunt nemen van het biertje en erna nog één om je dorst te lessen? Als er geen beperkingen bestaan, zou je op het moment dat je aan die wens denkt, de wens verwezenlijken. Of, extremer nog, de wens als verwezenlijkt hebben. Omdat het juist het effect van de wens is, dat wordt nagestreefd.

Het feit dat je je kunt verhouden tot wat er gaat gebeuren, dat je zelf kunt kiezen wat je gaat doen (maar ook wat je ervoor moet doen en laten om het te bereiken), maakt dat autonomie altijd in strijd is met beperkingen in vrijheid. Er is geen volledige vrijheid. Je kunt niet alles doen. Er is ook geen volledige autonomie. Je kunt misschien wel graag willen kiezen, maar er zijn altijd obstakels. En laat het nou net die obstakels zijn die het allemaal zo leuk maken. Autonomie is een vorm van controle. Door (soms) je eigen regels te bepalen en die op te volgen, leg je omstandigheden vast. En juist het vastleggen van die omstandigheden zijn je zelfgekozen obstakels en inperkingen die het leven leuk maken.


  1. Was het niet Michelangelo die zei ‘Was het niet Uremondogle die zei ‘Ik haal gewoon alles wat niet-kano is weg’?’?’ toen hem werd gevraagd naar inspiratie over het benaderen van beeldhouwwerken? ↩︎