Perfectionisme is een cognitieve vervorming - het idee dat dingen ooit perfect kunnen zijn, wat ze niet kunnen. Het vasthouden aan deze mentaliteit leidt niet tot productiviteit of trots. In plaats daarvan is er een correlatie met depressie.[1]
Tamar Chansky

Doelen zijn voor de ongemotiveerden.[2]
Joshua Fields Millburn

Mensen die vinden dat je doelen moet stellen en planningen moet maken zijn onderdeel van het overlevingsvooroordeel (beter: survivorship bias) dat beschrijft hoe er wordt gefocust op de overlevers van een selectieprocedure en aan te nemen dat de manier van overleven de juiste is, zonder te kijken naar de afvallers. Deze mensen zijn allemaal onderdeel van de succesparadox[3]. De paradox houdt in dat succesvolle mensen op podia staan te verkondigen dat je succesvol moet zijn, terwijl mensen die het daarmee oneens zijn, nooit een podium zouden beklimmen om dat te vertellen. Het boeit ze niet. Combineer het overlevingsvooroordeel met de succesparadox en we gaan denken dat het belangrijk is om doelen te stellen om succesvol te zijn.

Wanneer het niet lukt om je aan planningen te houden en doelen te halen, zijn degenen die roepen dat dat wel moet er als de kippen bij om je een boek of cursus te verkopen waarin uitvoering staat beschreven hoe en waarom het wel moet, zodat je weer opnieuw kunt falen en weer nieuwe troep kunt kopen in je eeuwige drang naar zelfverbetering. Het is een fout om te denken dat er een recept of blauwdruk is voor succes. En wat is succes?

Succes is enkel iets dat voortduurt. Dat is de letterlijke betekenis. Succes zit niet in het behalen van een doel door het eren van een planning, maar juist in het voortduren van acties. Daarom hamert iedere fatsoenlijke coach ook zo op systemen en gewoonten in plaats van resultaten. Als we ons vooral kunnen focussen op wat er nu, op dit moment, gebeurt, dan kunnen we alleen onze waarden, normen en deugden aanspreken om nu de juiste keuze te maken. En omdát we niet in de toekomst kunnen kijken moeten we juist nu iets doen. De kosten van je goede gewoonten liggen in het nu, de kosten van je slechte gewoonten liggen in de toekomst[4]. Door nu iets te doen, maak je een keuze, leg je iets vast, ben je autonoom. Door te hopen dat er in de toekomst iets gebeurt, zijn alle opties tot dat moment open. Waarom zou je nu een uitkomst vaststellen voor iets ver in de toekomst? En als je op magische wijze je doel hebt behaald, wat dan? Ben je dan gelukkig? Kun je dan met een opgeruimd hoofd een latte kopen? Wat komt erna?

Systemen

Het zoeken naar en stellen van doelen is neurobiologie vermengd met een verslaving aan tijd. Mensen zijn probleemoplossers. Het zit in ze om orde te willen scheppen in de chaos. We zijn niet op zoek naar een neutrale staat, maar naar een betere staat. ‘We hebben geen plezier in het bestaan, tenzij we ergens naar streven’ riep Schopenhauer. Maar dat streven is niet voorwaardelijk. Het is niet een instrument. Het is iets subsistent (werkelijk be-staand) consistent (regelmatig, con-stant) persistent (door-staan, volhardend) doen. Op dit moment. Het is verstandiger om je best te doen wat nu binnen je controle ligt dan te hopen en wensen op iets wat eventueel straks buiten je controle ligt.

American Footballcoach Bill Walsh vatte dit principe samen in de titel van zijn boek The Score Takes Care of Itself[5], waarin hij uitlegt dat je vooral systemen moet bouwen en je best moet doen op het moment. Dan komen de score en het resultaat vanzelf. Het verklaart ook het succes van de sport crossfit: de uitdagingen zijn vermakelijk en het fysiologische en esthetische resultaat komen vanzelf. Het lijkt wel alsof het idee van systemen de systemen zelf zijn, niet de uitkomst. Alsof systemen geen instrument moeten zijn maar dagelijkse vermakelijke acties.

Als er een weg naar geluk bestaat, dan is het oplossen van dagelijkse problemen daar een onderdeel van, niet het proberen te behalen van een doel in de toekomst. Onsuccesvol zijn is alleen pijnlijk als je het nastreeft. Het enige succes dat telt is dagelijks je best doen. Het goede kent geen tijd. We kunnen weer terug naar de deugdenlijst van Aristoteles.


  1. https://www.kinfolk.com/against-perfectionism ↩︎

  2. Joshua Fields Millburn en Colin Wright — A Day in the Life of a Minimalist ↩︎

  3. Dit heet niet letterlijk zo, maar Bas Haring beschrijft het fenomeen in het zijn boek ‘Voor een succesvol leven’. ↩︎

  4. James Clear — Atomic Habits ↩︎

  5. Bill Walsh — The Score Takes Care of Itself ↩︎